De eerste boot die volgend jaar op jacht gaat naar olympisch eremetaal in Tokyo is woensdag bekend geworden. De opstelling waarmee vorig jaar WK-zilver werd veroverd in de vierzonder blijft voorlopig gehandhaafd door bondscoach Josy Verdonkschot. Dat betekent dat tweevoudig olympisch medaillewinnares Carline Bouw geen plek heeft weten te bemachtigen in de prioriteitsboot aan de boordkant.
Op de Bosbaan werden de laatste weken diverse selectieraces gehouden in alle bootklassen. De vierzonder is de eerste van de vier boten die bekend is gemaakt. Veronique Meester, Ymkje Clevering, Karolien Florijn en Ellen Hogerwerf toonden zich op het water het snelste kwartet.
Zij mogen proberen om in oktober op het EK in Poznan hun verworven titel te prolongeren. Dat toernooi staat van 9-11 oktober op de rol. Of het kampioenschap doorgaat wordt eind deze maand beslist.
Roei! was in Dalfsen, op bezoek bij Ins & Outs Rowing, de roeicoaches Nadine van Wijk en Rob Kluvers.
Dat was niet alleen horen maar ook voelen: vriendelijk doch overtuigend zetten Nadine en Rob de Roei!-redacteur in de boot. Lees het portret van Ins & Outs Rowing in het augustusnummer van Roei!.
Ze wezen ons ook op de instructiefilmpjes op hun website, waarvan er steeds meer komen. Dit is deel 1, de rest vind je nu en later op hun website.
En dit is de Roei!-redacteur op de Vecht, luisterend naar de aanwijzingen.
De lancering van het lidmaatschap liep samen met de introductie van British Rowing Plus. Nadat we eerder dit jaar door budgetbeslissingen noodgedwongen ons printtijdschrift Rowing & Regatta stop moesten zetten hebben we nu een plek gevonden om roeiartikelen te delen. Met deze nieuwe website kunnen we beter inspelen op nieuws uit de roeiwereld en we werken samen met auteurs die voorheen voor het tijdschrift schreven. British Rowing Plus is alleen toegankelijk voor leden van British Rowing (excl. Scottish & Overseas) maar voor £3 per maand heb je al een Indoor Monthly lidmaatschap en onbeperkt toegang tot alle artikelen. Op British Rowing Plus zijn ook de indoor trainingsschema’s en adviezen beschikbaar voor beginners tot meer gevorderde indoorroeiers. Vandaar dat de twee ‘producten’ aan elkaar verbonden zijn.
Na vele late avonden is er deze week eindelijk weer rust in de tent. De website en indoorlidmaatschappen lopen goed en zo ligt de focus nu weer bij het coronanieuws. Teamsporten mogen vanaf 25 juli weer beginnen maar elke sport moet een eigen voorstel schrijven en laten goedkeuren door de overheid. Wij zetten in op crewboats (meermansboten) en hopen zo langzaamaan weer naar een terugkeer van roeien zoals we onze mooie sport kennen. Ik ben zelf een zeer onervaren skiffeuse en heb sinds februari al niet meer in een boot gezeten.
Gelukkig kwam daar afgelopen zondag verandering in want vrienden hebben een opblaaskajak en vroegen of we dat ook eens wilden proberen. We hebben heerlijk gepeddeld in de zon op de vertrouwde rivier. Snel gaat het niet. Het is veel langzamer dan een roeiboot maar bijkomend voordeel is dat je meer tijd hebt om rond te kijken en een beetje te kletsen. Het competitieve zit er toch sterk in want elke keer als we een andere kajak zagen probeerde we die in te halen. Klapje op en gaan!
Marieke Bal is Head of Membership bij de Britse Roeibond. Ze kwam in 2005 voor het eerst in aanraking met roeien toen ze lid werd van Tilburgse Studenten Roeivereniging Vidar en is sinds 2014 in een boot te vinden op de Thames in London. Momenteel maakt ze deel uit van de damessectie bij Tideway Scullers School.
Afgelopen woensdag was eindelijk de 1e training na een maandenlange coronapauze! Vol verwachting lieten we de sloep te water, en weer een beetje onwennig zochten we ons plekje in de wankele sloep. Hoe stond de voetensteun ook alweer ingesteld? Onze stuurman is momenteel op vakantie, dus heb ik gestuurd deze avond. Wat een prachtig gezicht, 6 sloeproei(st)ers die met een hele grote lach op het gezicht genieten van het roeien. Wat een heerlijk gevoel, de riemen die door het water glijden en met iedere slag de sloep krachtig vooruit duwen. En voor het eerst roeien in onze teamshirts! Dit is genieten! Tegelijk vond ik het ook wel een beetje frustrerend, want als sloeproeier wil ik zelf ook zo graag weer aan die riemen hangen, ik was jaloers op de rest, haha. Maar morgenochtend mag ik dan ook eindelijk weer, en stuurt een van de andere roeiers. We hebben woensdag met het mix-team onder andere de roeicommando’s geoefend, want bij sloeproeien is de combinatie van stuurman en roeiers cruciaal om de sloep onder bruggen, door sluizen en rondom keerpunten te sturen. De roeiers moeten een heel rijtje commando’s door en door kennen. Ze moeten soms de sloep snel afstoppen, regelmatig moet één boord de riemen laten lopen (zo kan een sloep een smalle sluis of brug passeren), en vlak voor de start en na de finish moet de sloep naar de juiste positie worden gemanoeuvreerd. De stuur moet er blindelings op vertrouwen dat de roeiers de commando’s goed en tegelijk uitvoeren, andersom moeten de roeiers er blindelings op vertrouwen dat de stuur de commando’s op het juiste moment geeft en goed inschat of er genoeg ruimte is. Als een riem onverwacht een kademuur, boei of andere sloep raakt terwijl de boot op volle snelheid gaat, kun je in één veeg van je doft worden gemaaid, wat naast schade aan je riem ook pijnlijke blauwe plekken op kan leveren. Plus het nodige leedvermaak bij andere teams. Dus een training is niet alleen kilometers maken met de sloep, maar ook veelvuldig deze commando’s trainen! Zodat de nieuwe leden deze kunnen dromen na een tijdje, en de stuur steeds beter de sloep en zijn team leert kennen. Zodat de bochten steeds strakker gestuurd kunnen worden, er op het goede moment een sloep kan worden ingehaald op smal water, en keerboeien snel en kundig gerond kunnen worden. Deze mix van krachtige slagen en kundig sturen maken het verschil! Komende weken gaan we verder met het verfijnen van onze technieken, gaan we onze roeiconditie weer opbouwen en gaan we vooral genieten!!
Kees Verweel (1963), actief sloeproeier sinds 1980. Woont met Silke aan de Oosterschelde in Kattendijke (Zeeland). Drie volwassen kinderen. Initiator en beheerder van www.sloeproeien.nl. Bij diverse verenigingen geroeid, eind 2019 medeoprichter van de nieuwe club Sloeproeien Zeeland waar we in de 6-riemer Seelandia roeien.
Nu we langzaam van het voorjaar de zomer in duiken en we het nieuwe normaal, normaal gaan beschouwen, merk ik pas hoe schraal ik deze tijd vind. Eigenlijk had het voorjaar – in het noorden, ver van corona – ook wel iets knussigs. M’n kinderen waren bij mij in huis, we hadden aandacht en tijd voor elkaar, 24/7 een soort communityritme van opstaan, werken, eten, praten met elkaar. Op elkaar aangewezen zijn, beetje cocoonen. En het werk: op afstand. Dagenlang zoomen en teamsen, ook het bestuurswerk voor de bond was digitaal. Soms wel drie vergaderingen op een avond: klik er in, klik er uit, en hup weer in een andere. Vervreemdend ook, aan de ene kant heel close met je dierbaren en aan de andere kant werken in een soort virtuele wereld.. weird.
Nu we weer normaal kunnen roeien valt het abnormale me des te meer op. We reserveren boten, komen aangekleed en wel op de roeivereniging, stappen in, roeien, en gaan daarna weer weg. Focus op de sport. Geen geouwehoer onder de douche, geen nazit aan de bar, of hangen in de hoek..
Wat mis ik dat. En volgens mij ben ik niet de enige. Een roeivereniging is meer dan alleen een plaats om te sporten, ‘dan waren we wel een sportschool’, het is ook een plek waar je elkaar treft, waar je belang aan hecht dat t er is, waar je je voor inzet. Ik betrap me er op dat als je alleen maar roeit en niet elkaar treft, consumentisme op de loer ligt. ‘ze hebben het gras niet gemaaid, mijn boot is niet schoon.’
Voor de vernieuwde ‘Handleiding voor het oprichten van een roeivereniging’ – verschijnt in het najaar – hebben we een aantal oprichters van roeiverenigingen gesproken. Niet degenen die nu aan het roer staan, maar degenen die ooit het vuurtje hebben aangestoken. De durfals die zo maar uit het niets beginnen. Geen boten, geen leden, geen locatie en dan gewoon roepen: ‘Ik begin een sportvereniging’. Dan ben je een held. Vaak beginnen de gesprekken met die starters wat schuchter ‘waarom bel je me’, maar al snel komen herinneringen weer boven en worden ze onstuitbaar enthousiast. Alsof je het vuurtje van toen weer even aanblaast. Wat opvalt bij die pioniers? Het begint dat ze zelf willen sporten op het water. Sommigen komen helemaal niet uit de roeisport, maar het water trekt. Het begint met focus op de sport, de hardware: accommodatie, boten, roeiwater, etc.. Maar wat zie je ook? Al heel snel wordt er gebouwd aan de vereniging, aan de cultuur, het samenzijn, het besef dat je samen verder komt. ‘Koop zo snel mogelijk een koelkast en zet die helemaal vol’, zei één. Zo praktisch kan dat zijn.
Het woord vereniging komt natuurlijk van verenigen. ‘Samenvoegen’, volgens Van Dale. Een vereniging is geen bedrijf of instituut waar je klant bent, maar een gemeenschap van mensen met een gezamenlijk belang. Gemeenschap. In het fries: mienskip. Die mienskip, daar moet je aan werken. Dat is meer dan in een bootje stappen afdrogen en weer weg. Best lastig in deze tijd dus. Misschien vind ik het daarom extra leuk dat bijvoorbeeld Martin Paasman op de faceboekpagina marathonroeien iedere week herinneringen ophaalt aan een marathon die niet doorgaat, de Noordhollandtocht, de 24 uur van de Rotte, de IJsselmondetocht, elke week zijn we er toch een beetje bij. En wat geniet ik ook bijvoorbeeld van Gorinchemse roei-junioren die elke week maar weer in aanstekelijke beelden laten zien hoe ze op het water en met elkaar plezier hebben. Ik hoor van verenigingen met virtuele borrels,van spelletje, uitdagingen. Allemaal zaken om de mienskip actief en levend te houden. Trots ben ik op al die initiatieven die laten zien dat mienskip in de roeiwereld veel meer is dan ‘mijn schip’. Koester dat en hou vol. Roeien doe je samen.
Feike Tibben is bestuurslid van de Koninklijke Nederlandsche Roeibond, met als portefeuille sportontwikkeling. Zit in z’n derde sportleven, na atletiek en wielrennen. Roeide eerst bij Hemus in Amersfoort, nu bij ‘t Diep in Steenwijk. Praat meer over sport dan dat ie zelf op het water is.
In het juni-nummer (Roei! 38) schreven we over ‘lage rugpijn, de plaag van de roeisport’. Omdat dat helaas niet de enige blessure is die roeiers treft gaan we een kortlopende serie maken over roei-gerelateerde pijn in knieën, ribben, schouders en polsen. Dat doen we samen met roeifysiotherapeut Sido Vleer (Fysiofysiek, Amsterdam), waarbij de praktische insteek voorop staat: hoe herken je het, wat kun je er zelf aan doen met gerichte oefeningen, en wanneer is het verstandig hulp in te roepen? Inbreng van lezers wordt erg gewaardeerd. In het oktobernummer, Roei! 40 gaat het over knieblessures. Heb je zelf vragen of klachten over knieblessures, mail die dan aan redacteur Jos Wassink via jos@roei.nu.